Langs een kronkelend weggetje met diepe afgronden, gestaag hoger, steeds groener en koeler. Ik zag Remko glunderend naar de bergen kijken (later vertelde hij op dat moment zo blij te zijn om nog even diep in Sri Lanka te zijn) vanuit de cabine waar de chauffeur vertelde over zijn werk om toeristen te vervoeren en hoe gek hij het vond dat sommige toeristen niets tegen hem zeiden. Hij hield wel van een praatje en hij vertelde over zijn vrouw die hij tegen de zin van zijn rijke ouders zelf had uitgekozen. Hij wilde geen vrouw uit een rijk gezin want die begrijpen hem niet én dragen make-up. Romantische liefde kwam dacht hij maar weinig voor. Misschien 10% van de stellen. Hij verwachtte niet oud te worden met alle chemicaliën over de groentes en de plofkippen (tenminste als ik het gebaar goed begreep). Zijn droom was dat zijn zoontje naar een goede school kon fasen misschien dokter worden. Aangekomen bij green view hotel in Elkeduah was er het prachtige uitzicht en het hotel had een zwembad en kamers maar de sfeer was vervreemdend. Denk te groot opgezet Oostblokhotel door tropisch vocht en geen onderhoud vervallen voor het ooit glorie heeft gekend. Dagmar vond het niets, Remko zag ik morren en Hannah en Bodil wisten niet wat ze moesten doen.
De eetzaal was een balzaal helemaal voor ons alleen. Sneu en spooky en een manager die alleen maar lachte. Hij moest wat. Tot overmaat van ramp was de rijst met curry ronduit vies. Lange tanden ondanks de honger. Van schrik aten we met een vork in plaats van met onze handen zoals het hier hoort.
Vanochtend tijdens het Europese ontbijt (Dagmar at wel zes maal toast met jam) konden we er samen met andere Nederlanders hard om lachen: de bediening die ergens anders dekt dan je zit, andere dingen brengt in andere hoeveelheden en continu niet begrijpend bij je tafel blijft staan. Genoeg voer voor een filmscript.
Maar wat was het hotel mooigelegen.



Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.